Veiligheidsplan

Het bestuur van FTC CC75 heeft besloten om in het kader van het optimaliseren van de veiligheid van de leden van FTC CC75 en de deelnemers van door FTC CC75 te organiseren toertochten, een Veiligheidsplan te formuleren.

Als lid van de NTFU voelt het bestuur zich verplicht het beleid van de NTFU te volgen om een zo zorgvuldig mogelijk veiligheidsbeleid te voeren.

INLEIDING

Toerfietsen is mogelijk op diverse soorten fietsen. Over het algemeen zullen sportieve- en prestatieve toerfietsers op een wielren/racefiets rijden en de recreatieve toerfietsers voornamelijk op een ‘stadsfiets’. Daarbij zijn er natuurlijk nog ligfietsen, tandems (veelal gebruikt door visueel gehandicapten), etc. De mountainbike (MTB) is weer een verhaal apart. Deelnemers aan veldtoertochten rijden veelal op een MTB, ongeacht de doelgroep.

Fietsen op de openbare weg is een kunst op zich. Dat wil enerzijds zeggen dat deze groep kwetsbaar is. Door die kwetsbaarheid gebeuren er ongevallen met (ernstig) hoofdletsel als gevolg. Maar ook het Mountainbiken is een kwetsbare groep door het rijden in de natuur over onverharde paden en hindernissen. De recreatieve fietsers zijn minder kwetsbaar omdat o.a. de snelheid veel lager licht. De kwetsbaarheid ligt voornamelijk bij de oudere leeftijden.

FTC CC75 organiseert vele toertochten zowel op de weg als in het veld. Ook wij krijgen steeds meer te maken met veiligheid van hun evenement. Recent hebben een paar organisaties te maken gehad met aansprakelijkheid van omtrent de veiligheid. Een belangrijk punt hierin is of de organisatie eraan gedacht om het risico op ongevallen bij evenementen zo klein mogelijk te maken.

Zo worden er steeds meer eisen gesteld aan veiligheid fietsen in welke vorm dan ook.
Wij hebben als organisatie een zorgplicht maar ook onze leden hebben een zorgplicht. Want kunnen wij als organisatie aansprakelijk gesteld worden in de toekomst bij het organiseren van evenementen? Vragen waar de FTC CC75 alert op moet zijn én blijven. Ook het maatschappelijk belang komt steeds meer naar voren. Het wordt steeds belangrijker om aandacht te schenken aan gezondheid en veiligheid.

Ook de NTFU neemt hierin zijn verantwoordelijkheid. Doelstelling van de FTC CC75 naast de NTFU is dan ook:

Het vergroten van het bewustzijn in het nemen van eigen verantwoording te aanzien van veiligheid in het toerfietsen. Dit d.m.v. het onder de aandacht brengen van onderwerpen als het organiseren van een toertocht (evenement), verkeersveiligheid, veilig fietsen (dragen van een helm) en veilig toerfietsen in een groep.

FTC CC75 wil met dit beleidsplan “veilig toerfietsen” een handvat bieden aan de organisatie van evenementen maar ook om de individuele fietser bewust te maken van veiligheid voor zich zelf en anderen. In dit document vindt u geen keiharde regels maar goede aanbevelingen en tips van FTC CC75 die te maken hebben met veilig toerfietsen zowel op de weg als in het veld.
Met name voor het organiseren van toerfiets evenementen (weg en veld) is er een veiligheidsplan gemaakt voor de commissies toertochten en meerdaagsen om hun evenement zo veilig mogelijk te kunnen organiseren.

Dit veiligheidsplan dient deel uit te maken van de draaiboeken van de diverse commissies en in de evaluaties van de tochten en evenementen dient het veiligheidsaspect te worden besproken en beschreven.

1. Veiligheidsplan voor het organiseren van toertocht op de weg

2.1  Woord vooraf

Dit plan is opgezet met als doel een zo veilig mogelijk Toerfietstocht (evenement) op de weg te organiseren.

Er worden steeds meer eisen gesteld aan het organiseren van een evenement (toerfietstocht) Een van de belangrijkste punten is veiligheid. Als organisatie heeft u dan ook de zorg om voor een optimale veiligheid te zorgen. In dit plan vindt u richtlijnen en tips om uw evenement zo veilig mogelijk te maken. Gebruik gezond verstand, indien er onduidelijkheid bestaat of wanneer er iets niet beschreven staat in dit veiligheidsplan.

De organisatie neemt maatregelen die in het belang zijn van de veiligheid van de deelnemers en andere weggebruikers en dient een toerfiets evenement zodanig te organiseren, dat de deelnemers in staat zijn zich te houden aan dit reglement. Voor de regels waar uw tocht aan moet voldoen verwijzen wij u naar het Toerfiets Reglement van de NTFU. Zie www.ntfu.nl enwww.cc75.nl

Belangrijke knelpunten waar organisaties op het gebied van veiligheid mee te maken hebben
– gedrag van de deelnemer; onervarenheid, eigenwijs, overschatting van zijn kunnen
– deskundigheid van de organisatie; bijvoorbeeld instructie vrijwilligers en uitzetten van routes
– gemis aan structurele aanpak van veiligheid bijvoorbeeld de risicoanalyse

Veiligheid is het bewust nemen van aanvaarbare risico’s. Totale veiligheid bestaat niet! Risico’s zijn verbonden met alle aspecten uit het leven, dus ook met het bedrijven van de fietssport. Een risico is aanvaardbaar als het gevaar zoveel mogelijk beperkt wordt zowel voor u zelf als voor anderen.

Wij realiseren ons dat dit plan geen 100% garantie geeft, maar wel een waardevol hulpmiddel kan zijn voor een iedere organisatie die veiligheid aangaat.

Voor alle situaties die in dit plan beschreven zijn, is het van belang dat de deelnemers voorafgaand aan het evenement geïnformeerd wordt, zodat zij op de hoogte zijn van eventuele risico’s en tips krijgen hoe te handelen bij omstandigheden. De organisatie wijst de deelnemers vooraf op de mogelijke “sancties” wanneer de veiligheidsvoorschriften van de organisatie niet opgevolgd worden.

Binnen FTC CC75 is het organiseren van toertochten of andere evenementen belegd bij de respectievelijke commissies. Het bestuur heeft besloten dat één van de leden van de commissies wordt benoemd als veiligheidscoördinator. Deze veiligheidscoördinator is verantwoordelijk voor de algemene veiligheidsaspecten van de toertocht of het evenement.

2.2 Veiligheidstips voor een toertocht op de weg

1. Maak een veiligheidsrisico analyse van de toertocht. Kijk kritisch naar de route en
denk goed na over gevaarlijke punten in het parcours. Kun je de risico’s ondervangen door bijvoorbeeld borden te plaatsen of moet de route misschien verlegd worden. Advies voor de het uitzetten van het parcours is dat richting van de zoveel mogelijk rechtsom is.
Controleer het parcours altijd voor aanvang van het evenement op (potentieel) gevaarlijke situaties. (Voor analyse tips zie 2.5)

2. Veiligheidscoördinator
Zorg dat een persoon van de organisatie aanspreekpunt is voor de veiligheid en calamiteiten. FTC CC75 kiest er voor om iemand van de commissies om iemand aan te wijzen als veiligheidscoördinator.

3. Plaatsen van borden met bijvoorbeeld “gevaarlijke oversteek” of “gevaarlijke obstakels” of “gevaarlijke afdaling” of “gevaarlijke kruising”

4. Geef Gedragscodes mee aan de deelnemer en leg ze bij de inschrijftafel:

  • 1 Houd je aan de verkeersregels
  • 2 Gebruik een fietsbel
  • 3 Houd zichtbaar rekening met anderen in het verkeer
  • 4 Geef tijdig aan welke richting je gaat volgen
  • 5 Blijf beleeft tegen andere weggebruikers
  • 6 Rij altijd op het aangegeven fietspad
  • 7 Passeer een fietser of wandelaar op gepaste snelheid
  • 8 Volg aanwijzingen op van politie en/of verkeersregelaars
  • 9 Gooi afval in een afvalbak

5. Telefoonlijst van alle vrijwilligers met hun functie. (Zie 2.6 voorbeeld telefoonlijst)

6. Parkeerwachters zorgen voor een veilige begeleiding naar een parkeer gelegenheid voor de deelnemers. De parkeerwachters zijn duidelijk te herkennen.

7. Het uitzetten van de tocht de uitzetploeg goed instrueren voor het plaatsen van pijlen, linten en borden.

8. Geïnstrueerde tochtbegeleiders
De tochtbegeleiders zijn geen verkeersregelaars. De tochtbegeleiders hebben geen bevoegdheden of sanctiemogelijkheden, die een officiële verkeersregelaar wel heeft. Bij de instructie van de begeleiders is het van belang hen duidelijke de opdracht te geven: uitsluitend waarschuwen. Negeert een deelnemer de waarschuwingen van een tochtbegeleider, dan is de deelnemer verantwoordelijk voor eventuele gevolgen.
Uitgangspunt: Houd niet het wegverkeer tegen als de deelnemers moeten oversteken (dat is wettelijk verboden), maar maak de deelnemers en het verkeer attent op de gevaarlijke situatie. Laat iemand nooit alleen een oversteek beveiligen en zorg dat de tochtbegeleiders herkenbaar zijn met een hesje. De vrijwilligers zijn verzekerd via de NTFU verzekering en de vereniging.

9. FTC CC75 adviseert net als de NTFU om tochtbegeleiders in te zetten maar het is ook mogelijk om verkeersregelaars in te zetten. Dit kan uw eigen beslissing zijn maar kan ook verplicht worden door de burgemeester/politie van de gemeente waar de tocht georganiseerd wordt. Houd er rekening mee dat verkeersregelaars een officiële opleiding gevolgd moeten hebben. Deze opleidingen worden gegeven door de politie. De verkeersregelaars moeten herkenbaar zijn via een officieel hesje. Zij zijn ook verzekerd net als de andere ingezette vrijwilligers via de verzekering van de vereniging en de NTFU .

10. Controleurs controleren of alle borden en pijlen aanwezig zijn en
moeten goed geïnstrueerd zijn over de route.

11. EHBO-kitje verstrekken aan de controleurs en tochtbegeleiders.

12. Helm advies & leenhelmen.
Bij vooraankondiging adviseren van het dragen van een helm. Ook bij het startbureau op deze advisering wijzen. Verder advies is mogelijkheden aanbieden van het huren van een helm bij het startbureau.

13. Zorg dat noodtelefoonnummer(s) op de start-deelnemers kaart aanwezig is. Dit kan door middel van een stempel.

14. Uitreiken van veiligheidsinformatie aan vrijwilligers. Alle vrijwilligers krijgen een
telefoonnummer van de Toerfiets coördinator, routeplan en het veiligheidsplan voor het evenement. Als het nodig is kan een kopie van de vergunning uitgedeeld worden.

2.3 Hoe te handelen bij een calamiteit

Ook is het goed om een risico analyse te maken in verband met mogelijke calamiteiten. Je kunt niet alles voorzien wat kan gebeuren, maar er moet wel over nagedacht worden; hoeveel deelnemers doen er mee, zijn er dreigingen in verband met de weersomstandigheden?
In eerste instantie kun je wel altijd de basis gegevens regelen. Op twee plaatsen zijn
EHBO-ers aanwezig. Bij start en finish en bij de pauzeplaats. Zie onder 1 en 2.

1. Niet levensbedreigende situaties
Zorg eerst voor je eigen veiligheid en bel de organisatie (veiligheidscoördinator) op telefoonnummer xxxxxxxx
Geef duidelijk aan waar het slachtoffer zich bevindt.
In overleg wordt bepaald of een EHBO-er voldoende is of dat een ambulance moet komen. De organisatie belt het telefoonnummer van de alarmcentrale 0900-8844 of de EHBO-er.

2. Levensbedreigende situaties.
Zorg eerst voor je eigen veiligheid en bel dan het algemene alarmnummer 112.
Geef duidelijk aan waar het slachtoffer zich bevindt en wat de verwondingen zijn.
Bel vervolgens het noodnummer van de organisatie(veiligheidscoördinator).

3. Deelnemers
Bij grote aantallen deelnemers (> 5000 ) is het verstandig om de hulpverlening (ziekenhuis, ambulance, politie) te informeren over het evenement. Zij dan kunnen rekening houden met mogelijke calamiteiten.

4. Weersomstandigheden
Als er warme weersomstandigheden zijn, wel heet maar een lage luchtvochtigheid, maar niet zodanig dat een toertocht zou moeten worden afgelast is het verstandig om de hulporganisaties (ziekenhuis, ambulance, politie) te informeren over het evenement.
Zij dan kunnen rekening houden met mogelijke calamiteiten.

2.4 Veiligheid en aansprakelijkheid

Consequenties voor organisatoren en deelnemers.
In de praktijk van het organiseren van toerfietsevenementen betekent dit dat u die mate van zorgvuldigheid in acht moet nemen die je in het algemeen mag verwachten van mensen die dergelijke evenementen organiseren. Anderzijds geldt voor de deelnemer dezelfde zorgvuldigheidsnorm t.a.v. het nemen van risico’s.
Het nemen van extreem scherpe voorzorgsmaatregelen is normaal gesproken niet nodig. Je moet je veiligheidsnorm hoger stellen naarmate de tocht zwaarder is, de weersomstandigheden slechter zijn, het parcours (verkeers) gevaarlijker is etc.

Passage uit het Toerfiets reglement

Algemeen

  • 3.5.1 De organisatie neemt maatregelen die in het belang zijn van de veiligheid van de deelnemers en andere weggebruikers en dient een toerfietsevenement zodanig te organiseren, dat de deelnemers in staat zijn zich te houden aan dit reglement.
  • Maatregelen en middelen vooraf
  • 3.5.2 De organisatie attendeert de deelnemer aan haar evenementen op veiligheidsaspecten zoals: gevaarlijke weggedeelten en risicovolle verkeerssituaties; actuele weers- en terreinomstandigheden en last-minute routewijzigingen.
  • 3.5.3 De organisatie wijst de deelnemers op de noodzaak tot het dragen van een goedgekeurde valhelm; op de noodzaak zich te conformeren aan de vigerende verkeersregels en –tekens; en op de noodzaak het verkeer niet onnodig te hinderen of in gevaar te brengen.
  • 3.5.4 De organisatie wijst de deelnemers op de gedragscode Mountainbiken van de NTFU. Een afschrift daarvan wordt aan de deelnemer bij de inschrijving overhandigd.
  • 3.5.5 De organisatie attendeert de (potentiële) deelnemer op voornoemde veiligheidsaspecten zowel bij de aankondiging van haar evenementen als bij de inschrijvings- en startlocatie. De organisatie wijst de deelnemer vooraf op de mogelijke nadelige gevolgen voor hem/haar indien hij/zij de veiligheidsvoorschriften van de organisatie niet opvolgt.
  • 3.5.6 De organisatie zorgt in relatie met de omvang van het evenement voor voldoende uitrusting en vervoerscapaciteit t.b.v. EHBO-taken.

Maatregelen en middelen tijdens het evenement

  • 3.5.7 De organisatie controleert het parcours vóór aanvang van het evenement op (potentieel) gevaarlijke situaties en op de zich ontwikkelde moeilijkheidsgraad voor de deelnemers in technisch en in fysiek opzicht. Zulks al dan niet als gevolg van een plotseling optredende weersgesteldheid als vorst, regenval, sneeuwval en extreme warmte.
  • 3.5.8 Bij gevaarlijke passages plaatst de organisatie minimaal twee waarschuwingstekens op zódanige afstand dat, rekening houdend met de plaatselijke omstandigheden en de verwachte snelheid van de deelnemers, voldoende reactietijd voorhanden is.

Maatregelen na het evenement

  • 3.5.9 De organisatie evalueert elk evenement na afloop zo spoedig mogelijk, in elk geval t.a.v. aspecten van veiligheid en eventueel opgetreden ongevallen. Daartoe wordt een risico-analyse opgesteld, welke als leidraad geldt voor de organisatie van het volgende evenement.

3. Veiligheidsplan voor het organiseren van toertocht in het veld

3.1 Woord vooraf

Dit plan is opgezet met als doel een zo veilig mogelijk veldtoertocht (evenement) te organiseren. Er worden steeds meer eisen gesteld aan het organiseren van een evenement (VLD). Een van de belangrijkste punten is veiligheid. Als commissie heeft u dan ook de zorg om voor een optimale veiligheid te zorgen. In dit plan vindt u richtlijnen en tips om uw evenement zo veilig mogelijk te maken. Gebruik gezond verstand, indien er onduidelijkheid bestaat of wanneer er iets niet beschreven staat in dit veiligheidsplan.

De commissie neemt maatregelen die in het belang zijn van de veiligheid van de deelnemers en andere weggebruikers en dient een toerfiets evenement zodanig te organiseren, dat de deelnemers in staat zijn zich te houden aan dit reglement. Voor de regels waar de tocht aan moet voldoen verwijzen wij u naar het Toerfiets Reglement artikelen 3 en 8.1 t/m 9.6.

Belangrijke knelpunten waar de commissies op het gebied van veiligheid mee te maken hebben:

  • Gedrag van de deelnemer; onervarenheid, eigenwijs, overschatting van zijn kunnen
  • Deskundigheid van de organisatie; bijvoorbeeld instructie vrijwilligers en uitzetten van routes
  • Gemis aan structurele aanpak van veiligheid bijvoorbeeld de risicoanalyse

Veiligheid is het bewust nemen van aanvaarbare risico’s. Totale veiligheid bestaat niet! Risico’s zijn verbonden met alle aspecten uit het leven, dus ook met het bedrijven van de fietssport. Een risico is aanvaardbaar als het gevaar zoveel mogelijk beperkt wordt zowel voor u zelf als voor anderen.

Wij realiseren ons dat dit plan geen 100% garantie geeft, maar wel een waardevol hulpmiddel kan zijn voor een iedere commissie die veiligheid aangaat.

Voor alle situaties die in dit plan beschreven zijn, is het van belang dat de deelnemers voorafgaand aan het evenement geïnformeerd worden, zodat zij op de hoogte zijn van eventuele risico’s en tips krijgen hoe te handelen bij omstandigheden. De commissie wijst de deelnemers vooraf op de mogelijke “sancties” wanneer de veiligheidsvoorschriften van de organisatie niet opgevolgd worden.

3.2 Veiligheidstips voor een veldtoer-/ mountainbiketocht

1. Maak een veiligheidsrisico analyse van de toertocht
Kijk kritisch naar de route en denk goed na over gevaarlijke punten in het parcours. Kun je de risico’s ondervangen door bijvoorbeeld borden te plaatsen of moet de route misschien verlegd worden. Controleer het parcours altijd voor aanvang van het evenement op (potentieel) gevaarlijke situaties. (Voor analyse tips zie onder punt 3.4)

2. Veiligheidscoördinator
Zorg dat een persoon van de organisatie aanspreekpunt is voor de veiligheid en calamiteiten. Het bestuur van FTC CC75 kiest ervoor om iemand aan te wijzen alsveiligheidscoördinator.

3. Zone-indeling met aanrijdroutes ambulance
De meeste veldtoertochten gaan door een aaneengesloten gebied met bos.

Dit geeft de tocht een grote charme maar hier kleven ook nadelen aan bij een  calamiteit. Er kunnen zich problemen voordoen bij het lokaliseren van de gewonden. Dit probleem wordt opgelost door een zone-indeling. De organisatie verdeelt de route in zones. Zodoende kan de deelnemer die gewond of pech heeft door middel van het benoemen van de zone waarin men zich bevindt aan de organisatie doorgeven waar hulp noodzakelijk is. Op het zonebord staat de verreden afstand. De organisatie heeft een goed overzicht van de zone-indeling.

Voorbeeld zone indeling

Zone Plaats op de route Omschrijving
A km start
B km
C km
D km
E km Pauze plaats
F km
G km
H km Finish

Zorg voor een zone-indeling met een maximum van 5 kilometer. Belangrijk is om de zones zo in te delen dat er goede aanrij routes zijn voor hulpverlening (ambulance)

4. Plaatsen van borden / signalering
Plaatsen van borden met bijvoorbeeld “gevaarlijke oversteek” of “gevaarlijke obstakels” of “gevaarlijke afdaling” of “gevaarlijke kruising”

5. Gedragscodes
Hang posters op met de gedragcode, geef deze op creditcardformaat mee aan de deelnemer of leg ze bij de inschrijftafel: posters en kaartjes zijn gratis op te vragen bij het uniebureau van de NTFU. Dit is de taak van de commissie.

6. Telefoonlijst
Zorg voor een telefoonlijst van alle vrijwilligers met hun functie. (Zie voorbeeld telefoonlijst punt 3.5) en een telefoonlijst van de boswachters / beheerders van de terrein waar men gebruik van maakt.

7. Parkeerwachters
Parkeerwachters zorgen voor een veilige begeleiding naar een parkeer- gelegenheid voor de deelnemers. De parkeerwachters zijn duidelijk te herkennen.

8. Het uitzetten van de tocht
De uitzetploeg(en) goed instrueren voor het plaatsen van pijlen, linten en borden. De uitzetploeg moet goed op de hoogte zijn van de zone-indeling.

9. Geïnstrueerde tochtbegeleiders
De tochtbegeleiders zijn geen verkeersregelaars. De tochtbegeleiders hebben geen bevoegdheden of sanctiemogelijkheden, die een officiële verkeersregelaar wel heeft. Bij de instructie van de begeleiders is het van belang hen duidelijke de opdracht te geven: uitsluitend waarschuwen. Negeert een deelnemer de waarschuwingen van een tochtbegeleider, dan is de deelnemer verantwoordelijk voor eventuele gevolgen.Uitgangspunt: Houd niet het wegverkeer tegen als de deelnemers moeten oversteken (dat is wettelijk verboden), maar maak de deelnemers en het verkeer attent op de gevaarlijke situatie. Laat iemand nooit alleen een oversteek beveiligen en zorg dat de tochtbegeleiders herkenbaar zijn met een hesje. De vrijwilligers zijn verzekerd via de vereniging en de NTFU verzekering.

10. Verkeersregelaars
FTC CC75 adviseert om tochtbegeleiders in te zetten maar het is ook mogelijk om verkeersregelaars in te zetten. Dit kan uw eigen beslissing zijn maar kan ook verplicht worden door de burgemeester/politie van de gemeente waar de tocht georganiseerd wordt. Houd er rekening mee dat verkeersregelaars een officiële opleiding gevolgd moeten hebben. Deze opleidingen worden gegeven door de politie. De verkeersregelaars moeten herkenbaar zijn via een officieel hesje. Zij zijn ook verzekerd net als de andere ingezette vrijwilligers via de verzekering van de vereniging en van de NTFU.

11. Controleurs
Controleurs controleren of alle borden, pijlen en linten aanwezig zijn en
moeten goed geïnstrueerd zijn over de route en de zone-indeling.

12. Bike Patrols.
Dit is bedoeld als tip voor de commisies. Een mogelijkheid is om tijdens het evenement fietsers (bike patrols) in te zetten die de route rijden en hulpverlening bieden aan gestrande bikers. Deze patrols zouden ook eerste hulp kunnen verlenen aan bikers die een ongelukje hebben gehad. Tevens kunnen deze patrols toezien dat de deelnemers zich houden aan de gedragscode van het mountainbiken.

13. EHBSO (Eerste Hulp Bij Sport Ongelukken)
EHBSO-kitje verstrekken aan de controleurs en tochtbegeleiders.

14. Helmplicht & leenhelmen
Bij vooraankondiging aangeven van de verplichting van het dragen van een helm. Ook bij het startbureau op deze verplichting wijzen. Mogelijkheden aanbieden van het huren of lenen van een helm bij het startbureau.

15. Noodtelefoonnummer op deelnemerskaart
Zorg dat er een noodtelefoonnummer(s) op de start-/deelnemers kaart aanwezig is. Dit kan door middel van een stempel of door het laten drukken van een eigen deelnemerskaart. In het laatste geval, kijk in het Toerfietsreglement aan welke voorwaarden de deelnemerskaart moet voldoen.

16. Uitreiken van veiligheidsinformatie aan vrijwilligers
Alle vrijwilligers krijgen een routeplan, telefoonlijst, kopie vergunning en het veiligheidsplan voor het evenement.

17. Vergunning of kopie vergunning en routekaart
Bij de organisatie/inschrijftafel moet een vergunning(en) of kopie van de vergunning aanwezig zijn en een kaart waarop de route van de tocht is ingetekend.

3.3 Hoe te handelen bij een calamiteit

Het is verstandig om een risico analyse te maken in verband met mogelijke calamiteiten. Je kunt niet alles voorzien wat kan gebeuren, maar er moet wel over nagedacht worden; hoeveel deelnemers doen er mee, zijn er dreigingen in verband met de weersomstandigheden etc.? In eerste instantie kun je wel altijd de basis voorzieningen regelen. Op twee plaatsen zijn EHBO-ers aanwezig. Bij start en finish en bij de pauzeplaats. Zie onder 1 en 2.

1. Niet levensbedreigende situaties
Zorg eerst voor je eigen veiligheid en bel de organisatie (veiligheidscoördinator) op telefoonnummer xxxxxxxx Geef op basis van de zone indeling waar het slachtoffer zich bevindt. In overleg wordt bepaald of een EHBO-er voldoende is of dat een ambulance moet komen. De organisatie (veiligheidscoördinator) belt het telefoonnummer van de alarmcentrale 0900-8844 of de EHBO-er.

2. Levensbedreigende situaties
Zorg eerst voor je eigen veiligheid en bel dan het algemene alarmnummer 112. Geef aan op basis van de zone-indeling waar het slachtoffer zich bevindt en wat de verwondingen zijn. Bel vervolgens het noodnummer van de organisatie (veiligheidscoördinator). De organisatie belt het telefoonnummer 112 en zorgt ervoor dat de hulpverlening (ambulance) op de juiste plaats komt.

3. Procedure voor de ambulance
Gewonden kunnen vervoerd worden met een ambulance die de plek des onheil kunnen bereiken en verlaten door gebruik te maken van de door de organisatie in kaart gebrachte aanrijdroutes. De organisatie (veiligheidscoördinator) is verantwoordelijk voor het begeleiden van de hulpverlening naar de plek des onheil.

3.4 Checklist risico analyse toerfietstocht

Risicoanalyse Geregeld Niet geregeld
Zijn de aanrijd routes goed aangegeven?
Zijn er goede doorstroom / ruimte mogelijkheden voor het parkeren van auto’s?
Zijn er gevaren bij de start (ivm groot aantal tegelijk vertrekkende deelnemers) ?
Zijn er gevaarlijke kruisingen?
Zijn er gevaarlijke oversteekplaatsen?
Zijn er gevaarlijke obstakels op de route?
Zijn er gevaarlijke materialen op de weg (olie, klei enz.) ?
Zijn er gevaarlijke weg op brekingen?
Zijn er gevaarlijke gaten/gleuven in de route?
Zijn er gevaarlijke bochten?
Zijn er gevaarlijke afdalingen?
Zijn er extreme weer omstandigheden?
Zijn de borden aanwezig met de juiste tekst?
Zijn de noodnummers aanwezig?
Is EHBO personeel en materiaal aanwezig?
Is de materiaalwagen aanwezig?
Is er een telefoonlijst van vrijwilligers?
Is de lokale overheid geïnformeerd?
Is de hulpverlening geïnformeerd over het evenement?
Is het dragen van een helm gepromoot
Is er een mogelijkheden voor het verhuren / lenen van een helm
Is er bij het weerstation geïnformeerd naar de weersomstandigheden?

 3.5 Voorbeeld telefoonlijst

Voorbeeld telefoonlijst van de organisatie

Naam Functie Telefoonnummer
algehele leiding
leiding vd route
leiding startbureau
ehbo er bij start
ehbo er bij pauze
algemeen alarmnummer,wel levensbedreigend calamiteitennummer 112
algemeen alarmnummer,niet levensbedreigend 0900 8844
politie bij geen alarm overige zaken
Gemeente

Telefoonlijst van vrijwilligers

Naam Functie Telefoonnummer
  algehele leidingnoodnummer  
leiding vd route
uitzetploeg
uitzetploeg
uitzetploeg/controle
catering/finish
borden
eindcontrole
controle
controle
controle
controle
ophalers
ophalers
ophalers
Materiaalwagen
bezemwagen
vliegende brigade
Naam Functie Telefoonnummer
Natuurbeheerder
Boswachter enz.

4. Weersinvloeden bij fietstoertochten

4.1 Hoe te handelen bij extreem warme weersomstandigheden

Zorg voor een serieuze risico analyse van de tocht. Het blijft moeilijk om het aantal graden temperatuur te noemen waar de grens ligt van wel of niet doorgaan van een evenement. Bij een extreme warmte in combinatie met een hoge luchtvochtigheid kan men overwegen voor het aflasten van het evenement. Belangrijke punten t.b.v. analyse zijn: temperatuur en hoge vochtigheid, tijdstip van de dag, lengte tocht, zwaarte tocht, pauze plaatsen, doelgroepen kinderen en ouderen
(zie verder voorbeeld checklist analyse)
Bij toerfietsen is echter een onderscheidende factor die het gevaar op fatale gevallen ten gevolge van hitte verminderen in vergelijking met bijvoorbeeld wandel- of hardloopevenementen: b.v. is er een aanzienlijk verkoelend effect door de windfactor (die hoger is door de snelheid);

Aanbevelingen voor de organisatie zijn:

  • Extreme warmte met hoge luchtvochtigheid; zorg dat je goed geïnformeerd bent door een weerstation
  • Tijdstip van de dag; wanneer kunnen deelnemers starten dan wel finishen? Zorg er bijvoorbeeld voor dat de deelnemers voor 14.00 uur weer binnen zijn. Je kunt de deelnemers eerder laten starten.
  • De lengte van de tocht; is het mogelijk om de lengte iets in te korten?
  • Zijn er voldoende verfrissing punten (controle/pauze) in het parcours.
  • Zo nodig extra water punten bij bijvoorbeeld de routebegeleiders.
  • Zorg voor extra (bezem) wagens om gestrande deelnemers op te vangen.
  • Zorg voor extra informatie voor de deelnemers bij het startbureau (tips) over de hitte. (Zie ook bijlage 3 hitte-stress)

4.2 Hoe te handelen bij extreme koude weersomstandigheden

Zorg hier voor een serieuze risico analyse van de tocht. De temperatuur beneden het vriespunt kan dienen als richtlijn voor een risico factor..
(Zie ook punt 4.5 tips extreem koude weersomstandigheden)

Vraag: met wat voor soort weerssituatie heeft u te maken?

  • Extreme sneeuwval; kan er nog gefietst worden; zijn er dreigingen van vallende takken en/of bomen door de extreme sneeuw laat dan de tocht niet doorgaan.
  • Extreme vorst; zijn er gevaarlijke gladde punten in het parcours? Plaats waarschuwingsborden of verleg de route. Is dat niet mogelijk laat dan de tocht niet doorgaan.
  • Extreme vorst met verse sneeuw; advies is laat dan de tocht niet door gaan.
  • IJzel; is er ijzelvorming of er dreigt er ijzelvorming dan is het advies is laat dan de tocht niet door gaan.

4.3 Hoe te handelen bij zware weersomstandigheden zoals storm en/of onweer

Zorg hier voor een serieuze risico analyse van de tocht.
Vraag: met wat voor soort weerssituatie heeft u te maken?

  • Zwaar onweer: Zorg dat je goed geïnformeerd bent door een weerstation. Het is belangrijk om te weten wanneer er onweer wordt verwacht. Als het onweer tegen de avond wordt verwacht, is het natuurlijk niet zo belangrijk als iedereen voor 15.00 uur binnen is.
  • Zware storm: Zijn erg dreigingen van zware stormen windkracht > 8 ? Laat dan de tocht niet doorgaan. Zijn er dreigingen van vallende takken en/of bomen na een storm? Laat dan de tocht niet doorgaan..

4.4 Tien tips bij warme weersomstandigheden

Dehydratie, hittestuwing, hitteberoerte.

De normale lichaamstemperatuur is rond de 37 °C. Het lichaam bezit regulatiemechanismen om deze temperatuur binnen vrij nauwe grenzen constant te houden. Bij lichaamsbeweging wordt de extra gevormde warmte afgevoerd door een aantal processen: straling, geleiding en transpiratie/verdamping. Transpiratie en verdamping zijn zeer effectieve processen, waarbij gevaar dreigt voor dehydratie. In het geval van dehydratie zal als eerste de prestatie merkbaar verminderen. In tweede instantie zal de warmte regulatie verstoord raken, doordat het transpiratie- en verdampingsproces minder effectief zal zijn of uiteindelijk zelfs zal stoppen. Er dreigt dan een snelle verslechtering van de toestand met sterk verminderde prestatie, coördinatieve stoornissen en bewustzijnsstoornissen. De lichaams(kern) temperatuur neemt toe tot boven de 38,5 °C. Men noemt dit hittestuwing. In dit stadium is het gevaar op een fatale afloop groot indien niet de juiste maatregelen worden genomen (dat wil zeggen stoppen van de activiteit, afkoelen en hydreren). Bij temperaturen boven de 40 °C kunnen ook convulsies optreden (gelijkend op een beroerte: de hitteberoerte) met uiteindelijk de dood tot gevolg.

Tien tips voor deelnemers om aandoeningen bij extreem warm weer te voorkomen.

  1. Zweet moet verdampen. Zorg voor goede kleding. Zweet kan makkelijk verdampen als de kleding gemaakt is van licht, ademend en los geweven materiaal.
  2. Beschermen tegen de zon. Bescherm het hoofd met een zweetband en/of Buff en het advies is zet een helm op. Al is het warm veiligheid staat voorop. Tegenwoordig kun je uitstekende helmen kopen die voldoende ventilatie gleuven hebben. Voor de recreatieve dikke banden fietser is een pet of hoed aan te bevelen. Tegen felle schittering van de zon is een zonnebril of donkere contactlenzen geen overbodige luxe. Op de langere termijn is dit ook beter voor de ogen. De huid kan het best beschermd worden met een zonnebrandcrème met een goede beschermingsfactor.
  3. Kramp. Als men onvoldoende drinkt en veel zweet, kunnen er door het zoutverlies spierkrampen ontstaan in bijvoorbeeld de kuiten. Even afstappen, wat drinken en dan verdwijnt het meestal wel weer
  4. Voldoende vocht. Zorg ervoor voldoende te drinken. Bij kortdurende inspanningen, bijvoorbeeld een training van een uur, is water drinken een goede manier om vochtverlies aan te vullen.
  5. Mineralen en koolhydraten aanvullen. Bij langere trainingsperioden en tijdens toertochten is het verstandig om niet alleen het vocht, maar ook de mineralen en koolhydraten aan te vullen. Isotone dranken zijn hiertoe uitstekend geschikt. Na één à twee uur sporten raken ook de koolhydraatreserves uitgeput. Sportdranken met extra energie kunnen de sportprestaties verbeteren.
  6. Géén zouttabletten Vroeger werden zouttabletten soms aanbevolen op warme, hete wedstrijddagen. Doe dit echter niet. Hoewel het juist is dat zweet zout bevat, is het gebruiken van zouttabletten vergelijkbaar met het drinken van zeewater als je dorst hebt. Het verergert het probleem alleen maar. Drink ruim vocht en vul het verlies van zouten aan met het natuurlijke zout van je voeding.
  7. Pauze houden. Tijdens trainingen en rijden van toertochten in de hitte is ruim gebruik van pauzes ( vijftien minuten rust) aan te bevelen. Koel het gezicht als het kan met koud water. Zorg voor aanvulling van het vochtverlies en vergeet niet te eten.
  8. Gewichtsverlies peilen. Weeg jezelf voor en na de training of toertocht. Een gewichtsverlies van slechts 2 procent daalt al je prestatie met 10 procent. Voor iemand van 75 kg betekent dit 1,5 liter vocht. Vul vochttekorten, ook na de training of toertocht, zo snel mogelijk aan.
  9. Wel of niet fietsen. Fiets tochten hoeven in het algemeen niet afgelast te worden. Wel is aan te bevelen om alleen in de ochtend of ’s avonds te fietsen. Voor de organisatie is dan te overwegen om de lengte van de tocht in te korten bij extreme hitte (boven 30 graden) De aanbeveling is om de tocht zodanig in te korten dat de deelnemers voor 14.00 uur terug zouden kunnen zijn.
  10. De training opbouwen Acclimatiseren is belangrijk, zeker ook als je afreist naar een gebied met een warmer klimaat. Het circulatiesysteem kan de lichaamstemperatuur efficiënter regelen als je de lengte van de trainingen geleidelijk opbouwt.

4.5 Tien tips bij extreem koude weersomstandigheden

Hypothermie, onderkoeling
Sportbeoefening bij lage omgevingstemperatuur zal leiden tot vernauwing van de huidvaten. Wanneer de lichaamstemperatuur daalt beneden de 35 graden celsius, spreekt men van hypothermie ofwel onderkoeling. De eerste verschijnselen daarbij zijn spiertrillingen, koude blauwe huis en pijn in de ledematen. Beoefening van de wielersport kan wel leiden tot lokale letsel maar zelden of nooit tot een volledige hypothermie.
Voeten, handen, oren, neus, kin en wangen zijn de plaatsen waar zich bevriezing kan voordoen. Koude letsels kunnen ook zonder bevriezing ontstaan. Denk aan langdurig rijden in de stromende regen net boven de nul graden zonder goede bescherming.

Tien tips voor deelnemers om aandoeningen bij extreem koud weer te voorkomen.

  1. Algemeen. Sport beoefening bij lage omgevingstemperatuur zal leiden tot vernauwing van de bloedvaten. Wanneer de lichaamstemperatuur daalt beneden de 35 graden, spreekt men van onderkoeling. Bij fietsen gebeurt dat zelden maar wel tot lokale (lichaamsdelen) koude. Het gaat daarbij niet alleen om de buitentemperatuur. Afkoeling is een gevolg van drie invloeden: temperatuur, wind en vochtigheid. Je kunt veel leed ondervangen door goede kleding te gebruiken.
  2. Ook winterkleding moet kunnen ademen. Zorg dat je jas/jack aan de voorkant winddicht is. De achterkant hoeft niet zo afgesloten te zijn. Als je jezelf inspant genereer je veel warmte, en die moet je ook weer kwijt. Lukt dat niet dan ga je meer zweten en koel je te snel af. Let op dat de winddichte kleding wel ademend zijn. Zorg voor een goede collant (lange broek) Heel belangrijk in de winter is dat je huid droog blijft. Gebruik geen katoenen petjes en katoenen t-shirts; ze houden vocht vast, en ze houden je dus nat en koud. Dus gebruik goede materialen die het vocht door sluizen naar buiten. Beter in meerdere lagen dan een dik kleding stuk.
  3. Handen. Zorg voor extra aandacht voor je handen en voeten. Handen; handschoenen zijn er in vele soorten en maten. Let erop dat ze soepel zijn en gedeeltelijk winddicht. Maar er zijn ook waterdichte handschoenen als het extreem koud is.
  4. Voeten. om de voeten warm te houden zijn er speciale ( dunne) sokken op de markt (thermastat) Pas op voor te dikke sokken want met dikke sokken gaan je schoenen knellen, waardoor de bloedsomloop wordt gehinderd en krijg je toch nog koude voeten. Om de schoenen kunnen we overschoenen dragen van bijvoorbeeld neopreen. Je kunt ook speciale winterschoenen aanschaffen Plak tape over de neus van je schoen en trek dan de overschoenen aan.
  5. Hoofd. Advies is zet altijd een helm op. Tegenwoordig kun je uitstekende helmen kopen. Zorg voor een goede (bivak) muts onder je helm. Geen katoen want dat houdt de vocht vast en dat koelt weer af. Plak eventueel de luchtgaten van je helm dicht. Voor de recreatieve dikke banden fietser is een pet of muts aan te bevelen
  6. Ogen. Doe een bril op. Dan heb je minder kans op bevriezingen van de ogen en het beschermt tegelijk tegen regen, zand, modder en insecten
  7. Knieën. Plak warmte pleisters op je knieën.
  8. Gezicht. Smeer je gezicht in met wat vaseline bij lage temperaturen.
  9. Eten en drinken. Ook tijdens de korte tochten in de winter moet je eten en drinken. Tegenwoordig heb je goede termos bidons waar het vocht lang warm blijven.
  10. Concentratie. Blijf geconcentreerd fietsen. Kijk goed waar je fietst en wees je bewust van de risico’s die hebt. Denk daarbij aan bevroren ondergrond, takken, bladeren enz.

Conclusies en aanbevelingen

Het bestuur realiseert zich dat dit veiligheidsplan zal leiden tot extra inzet van de commissies en de vrijwilligers. Als gevolg van de ontwikkelingen in het maatschappelijk verkeer en de daardoor toegenomen zorgplicht die de vereniging heeft ten aanzien van haar eigen leden, vrijwilligers en de deelnemers aan onze evenementen, is het echter onontkoombaar om aan de aspecten van veiligheid en verantwoordelijkheid, voldoende aandacht te besteden.

Het bestuur beveelt daarom haar leden aan over te gaan tot het aanstellen van speciale veiligheidscoördinatoren in elke commissie die zich bezig houdt met het organiseren van de reguliere toertochten van FTC CC75, zowel op de weg als in het veld. Zo ook bij de organisatiecommissies die de meerdaagsen voor de leden van FTC CC75 organiseren.

Dit veiligheidsplan komt in grote mate overeen met het veiligheidsbeleidsplan zoals dit wordt aanbevolen door de NTFU.